Selecteer een pagina

Lieve Mariek,

Meestal gingen we na het eten stemmen, in de kroeg een stukje verderop. De laatste keer was op 18 maart 2015. Provinciale Statenverkiezingen. Jij maakte altijd een praatje met de mensen van het stembureau, die hier in Koedijk het grootste deel van de dag op klanten zaten te wachten. Van een rij om te mogen stemmen is hier nooit sprake. Jij kon die dag je democratische stem nog laten horen. Al was het net aan. De gang naar het stembureau was moeizamer dan bij eerdere verkiezingen.

In je dagboek noteerde je niet dat je gestemd had die dag. Logisch ook want er waren belangrijkere zaken die je aandacht vroegen. Je schreef: ‘Vandaag is daar weer de greep van de angst. Moet ik niet gewoon aanvaarden dat mijn dood in zicht is? Het is niet echt voorstelbaar.’ Nee, het was niet voorstelbaar, en nog steeds niet, maar iets minder dan zes weken later was het wel zo.

Dus vandaag liep ik in mijn eentje de paar honderd meter naar het stembureau. Ik had gedacht dat ik alle ‘eerste keren’ zonder jou nu wel had gehad. Maar hier was toch opeens weer zo’n moment (het referendum heb ik overgeslagen, sorry). En ik was mij er bewust van. Twee jaar geleden, toen wij daar liepen, zaten we nog maar zes weken van jouw dood af. En we hadden geen idee, ook al had jij een slechte dag en dacht je aan de dood. We hoopten dat er veel meer tijd was.

Er werd niet gestemd, het was geen democratisch besluit. Je ging gewoon dood, zonder dat iemand er iets aan kon doen of over te zeggen had. En raar genoeg was het ook geen landelijk nieuws. Terwijl het voor ons beiden de meest ingrijpende gebeurtenis was in ons leven. Veel en veel bepalender dan wat de uitslag van vandaag ooit zal kunnen bewerkstelligen.

Kus,
Roon