Lieve Mariek,
Het is zondagavond als je broer een appje aan mij stuurt: ‘Bessel wil komen logeren, denk er even over’. Eerder dit jaar vroeg Bessel me al of we samen eens iets konden gaan doen.
Dus ik app Tim terug dat het prima is en dat we naar Artis gaan. Een uurtje later belt Bessel om te vragen wanneer hij mag komen logeren. ‘Woensdag’ zeg ik, ‘en dan gaan we donderdag naar Artis.’ ‘Yeah’ roept Bessel, en verbreekt de verbinding. Details regel ik later met Tim.
‘Waarom wil hij bij mij logeren’, vraag ik mij dan af. Jij was altijd degene die plannen verzon en Bessel en Sepp de meeste aandacht gaf. Ik zit niet in het “vakantiehuis” waar de jongens zo lekker konden spelen en graag kwamen. Ik ben aldoor bang dat hij zich dood zal vervelen bij mij.
Maar goed, woensdag aan het eind van de middag haal ik hem op. Na vele praatjes thuis en vragen wanneer we gaan, zit Bes een beetje stilletjes in de auto. Hij antwoord met korte zinnetjes op mijn vragen. De werkelijkheid van het ook echt gaan logeren moet even wennen, na het avontuurlijke idee.
We eten pannenkoeken. Ik denk aan jou, Mariek, hoe jij dat deed. Dus ik roep Bessel en vraag of hij zin heeft om het beslag te maken. Ja hoor. Ik laat hem uitrekenen hoeveel we van alles nodig hebben als we het halve pak gebruiken. Hij moet er even over nadenken, wat niet zo gek is voor een kind van zeven, maar komt met de juiste hoeveelheden. Hij mikt alles in de kom en wil de twee eieren breken op de rand. Maar die is nogal breed. Hij heeft iets dunners nodig, zegt hij, en dat hij best wel goed is in eieren breken. Hij heeft gelijk, het gaat hem goed af. Even met de mixer erdoor en dan is het mijn taak om de pannenkoeken te bakken. Ik vertel hem hoe je weet wanneer je een pannenkoek moet omdraaien. Dat trucje kende hij nog niet.
Na het eten kom ik op het idee om Pokémons te gaan jagen. Hij weet daar vast meer van dan ik. En dan kunnen we even een stukje lopen. Hij vindt het een prima idee. Hij vertelt honderduit over hoe het allemaal in z’n werk gaat. Ik sla een klein deel op, wat mij met flinke leemtes achterlaat op Pokémon gebied. Maar het is een leuke tijdsbesteding met mijn logé.
Na de wandeling gaan we kwartetten. Ja, Mariek, alweer een spelletje. Na laatst al met de kinderen van Boukje, nu met Bessel. Helaas liet hij mij niet winnen, wat handig van hem was geweest voor toekomstige spelletjes, maar goed. Hij verzamelde wel een hoop punten toen hij opeens zei: ‘Wat een leuke avond is dit!’
‘Hoe laat ga jij eigenlijk naar bed’, vroeg ik hem om half negen. ‘Eerlijk zeggen!’ ‘Half acht’ was het antwoord. ‘Nou, dan is het nu wel tijd’, zei ik. ‘Maar hoe komt het dan dat je mij op zondagavond om acht uur belde?’ Toen was hij uit eten, zo bleek.
Dus naar bed. Hij ligt daar met al zijn zeven knuffels om hem heen.
Morgen gaan we naar Artis. Het komt vast goed met deze logeerpartij.
Kus,
Ronald

Lieve Oom Ronald ,maar ze zeggen vast geen” oom”.
Je moet niet bang zijn voor logeerpartijen. Het ging toch geweldig. Het feit dat Bessel zelf belde en vroeg of hij mocht komen zegt al genoeg.
MARIEKE heeft je het goede voorbeeld gegeven.
De volgende week heb je grote kans dat Sepp belt.
lieve groet.
joke
Wat is het toch fijn dat kinderen naar hun hart luisteren. En willen logeren bij iemand bij wie ze graag zijn.
X Diana