Selecteer een pagina

Lieve Mariek,

In de kamer hebben we een nisje, dat weet je natuurlijk. Bovenin staat jouw rouwkaart.

Verder naar beneden heb jij een paar planken aan de muur gemaakt. En de laatste tijd van je leven stonden er kinderboeken op. Boeken die jij mooi vond en waarvan je waarschijnlijk hoopte dat de neefjes ze ook zouden gaan lezen. Na jouw dood zijn die boeken daar blijven staan. Zonder erg eigenlijk. Ik wist wel dat ze er stonden maar ze vielen mij niet op.

Vorige week zag ik ze opeens weer echt staan. En de laatste jaren heb ik gemerkt dat dat het punt is om iets op te ruimen. Het is raar, want wat zal ik er dan opzetten? Die kinderboeken staan mij niet in de weg, maar het klopt nu niet meer, die boeken daar. Raar hoe dat werkt.

Nou, ik verzin wel wat, denk ik. Deze boeken gaan in ieder geval ergens anders heen.

 

Een nis in huis
een slordig
stopcontact.

Drie verdiepingen
twee met leven
een met dood.

De onderste planken
niet zo stevig.
Een toffe meid,
een paar prinsen,
dieren, een verjaardag,
moeders paraplu
en wat verdriet.

Gewichtig maar niet
te zwaar.

De bodem waar jouw
rouwkaart rust
een sterke schouder
de boodschap net
te dragen.

Ik zie de kaart
ik voel de tekst
maar dichtvouwen
is nog te vroeg.


Liefs,

Roon

PS.
Ik kijk in het boekje ‘Verdriet is drie sokken’ Ik lees het gedichtje ‘Ik schrijf ze op’.
De laatste alinea vat het mooi samen.

“Ik schrijf het op
in rood en geel en blauw,
dat ik nog houer hou dan hou
van de allerjouste jou”

Geschreven door Koos Meinderts.