Selecteer een pagina

De winter speelt herfst
tot het eindelijk voorjaar
wordt.

Ik sta op van mijn stoel
en opeens zijn daar
weer tranen
zomaar.

Zonder reden
met reden
om niets
om alles
om wat is geweest
om wat nog komt
verdriet
hoop.

Maar mijn hoofd
is toch lichter
dan het weer.

 

Lieve Mariek,

Het huis is een beetje anders nu. De grote tekening van Imme heb ik verplaatst. Evenals het spiegeltje in de hal. Die had je goed vastgemaakt trouwens. Met zes schroeven en montagekit werd de muur er door op z’n plek gehouden. Voor de expositie laatst, had ik ruimte nodig. En na afloop heb ik wat foto’s laten hangen. Een beetje trots zijn op wat ik maak, dat mag eigenlijk best.

Er zijn denk ik tussen de veertig en vijftig mensen geweest. Ik had koffie en koekjes voor een paar honderd. Nee, dat is overdreven. Ik was heel laat met bekendmaken omdat ik de expositie pas heel laat bedacht. Tussen de veertig en vijftig mensen is best veel, toch. Het was gezellig, steeds mensen in huis. Mijn oude foto’s, die ik in een hoekje had neergezet, deden het goed, qua uitverkoop. En ik verkocht één van mijn straatfoto’s uit Amsterdam. Dat was erg leuk.

Het is bijzonder, als mensen dingen kopen die ik gemaakt heb. Een prettig gevoel.

Nu staat de tekening van Imme, die ze een jaar of twaalf geleden maakte, boven op de overloop. Ik zie ’m als ik de trap afloop. Hij hoort bij ons huis. De spiegel hang ik niet meer op hoor. Ik heb even geprobeerd of het huis zonder kan en het blijkt dat de muur toch blijft staan.

Na de expositie ging het even wat minder, een paar dagen. Niet zo raar hè, na volop in de belangstelling plotseling weer terug naar alleen. Ik ben weer bij de psycholoog, om over die dingen te praten. Best pittig hoor. Hij stelt vragen waar ik het antwoord wel op weet, maar niet altijd wil geven. Te confronterend soms, om te praten over wie ik ben, of denk te zijn, of wil zijn. Maar het is goed dat hij die vragen stelt.

Na die slechte dagen ben ik er toch wat sneller bovenop dan eerder. Vorig jaar was in veel opzichten een jaar dat ik niet graag over zou doen. Het was erg donker vaak, ik kan het niet mooier maken. Maar het was ook licht soms, voor even of wat langer. Roline, die toch vooral jouw vriendin was, en ik, werden heel goede vrienden. Daar ben ik blij mee en had ik niet willen missen. Eten met Eg en Ciel, hard lachen om totaal uit de hand lopende grappen. Heerlijk. Eten bij je moeder, met je broer en zijn gezin. Prettig altijd. Uitstapjes met Ilse, Eten bij Lyd, koffie bij mijn vader, koffie en af en toe eten met Remko. Een bakkie doen met Caroline. Mooie gesprekken met mensen. Het is meer waard dan ze misschien beseffen.

Deze mensen had/heb ik hard nodig en ze waren er. Daar ben ik dankbaar voor. Dat wil ik ze toch nog even zeggen, al weten ze het wel.

Fotograferen in Amsterdam, op straat. Dat geeft licht en ruimte. Ik vergeet even alles en kijk voor een paar uurtjes verder dan mijn eigen hoofd.

Oh ja, ik kwam van de week, tijdens grote opruiming (!) van mijn kamer, een paar schriftjes tegen waarin jij vakantiedagboeken hebt bijgehouden. Die ga ik de komende tijd lezen, als het lukt. Daar kom ik vast op terug. Klinkt raar ‘mijn kamer’, iedere kamer is mijn kamer natuurlijk, maar dat voelt nog niet zo natuurlijk.

Veel liefs,
Ronald