Selecteer een pagina

Lieve Mariek,

Als ik boven was dan zag ik af en toe de oudpapierbak staan naast je bureau. Ik heb er al heel wat ingegooid de laatste tijd. Ik vroeg mij al enige tijd af of er nog dingen inzaten van jou. Ik stelde het kijken steeds weer uit. Tot gisteren.
Ik nam hem mee naar beneden en liet ‘m nog een tijdje op tafel staan. Na ontbijt en koffie ging ik aan de slag. Ik legde alles naast de bak neer. Eerst het door mij weggegooide oud papier, waaronder een teveel aan rouwkaarten. Tja, moet ik die dan bewaren?
Langzamerhand kwam ik bij jouw spullen. Maar ja, het is wel oud papier natuurlijk. Dus ik was benieuwd of het echt allemaal troep was. Voor jou troep maar voor mij kleine bruggetjes door de tijd naar wat jij deed en dacht aan je bureau. Zodat ik je nog even aan kan raken misschien.
Ik zie een kaartje van ‘Dancing in a Winter Wonderland’. Een dansvoorstelling met Julia, waar jij nog bij was op 28 december 2014. Samen met je moeder, en door Tim weer opgehaald. Je zat op rij E – stoel 41, dat je het weet.
Ik vond allerlei Plintgedichten. Gesneden uit het geërfde boek van mijn moeder. Je was er zo blij mee. Er waren blijkbaar mooiere gedichten dan deze, maar met mijn andere perspectief kan ik niet om dit gedicht heen van J.C. Bloem. November heet het.

Het regent en het is november:
weer keert het najaar en belaagt
het hart, dat droef, maar steeds gewender,
zijn heimelijke pijnen draagt.

En in de kamer, waar gelaten
het daaglijks leven wordt verricht,
schijnt uit de troosteloze straten
een ongekleurd namiddaglicht.

De jaren gaan zoals zij gingen,
er is allengs geen onderscheid
meer tussen dove erinneringen
en wat geleefd wordt en verbeid.

Verloren zijn de prille wegen
om te ontkomen aan de tijd;
altijd november, altijd regen,
altijd dit lege hart, altijd.

Het is bijzonder als andere mensen mijn gevoelens zo mooi kunnen verwoorden. En dat al in 1921 (en ja, er staat erinneringen zonder h, ik weet het, zo is het gedicht).

Ik vond ook twee kopieën van je ID, uitgegeven op 21 januari 2015. Een jaar terug. Ik dacht eerst dat het een kopie van je rijbewijs was. Je was toen in paniek omdat hij verlopen was. Je was bang dat je opnieuw zou moeten afrijden. Gelukkig was dat niet het geval. Dat was precies een jaar eerder. Ik zou zweren dat het vorig jaar was. Of gisteren.

Ik lees in je dagboek wat je een jaar geleden schreef:
‘Woensdag 21 januari 2015
Ineens heb ik het gevoel dat ik elke brief en kaart en elk dagboekfragment moet dateren met “2015” erbij. Om te onderstrepen dat dit een nieuw jaar is. Dat 2014 voorbij is’.

Voor in je dagboek staat:
‘Dagboek van Marieke Hulskamp
januari 2014’

Een jaar geleden was je in goede doen. Je schrijft dat je 20 kilometer gefietst hebt door de vrieskou. En je hebt het waarempel over de plintkaarten die ik net vond. Dat je er meteen al een aantal verstuurd hebt naar mensen bij wie je ze vond passen.

Je sluit de dag af met: ‘Ik voel me vandaag écht blij’.
Die woorden raken mij diep. Wat heerlijk dat je toen zo’n mooie dag had. En wat onwerkelijk toch dat je drie maanden later dood ging.

Dikke kus,
Roon